Zo nu en dan zit ik achter in schoolklassen. Fantastisch dat leraren mij durven toelaten. Hoewel ik nooit kritiek heb, is het altijd spannend als er iemand achter in jouw klas meekijkt. Alles dat je doet komt onder een vergrootglas. Vaak hou ik met een stopwatch bij hoe de tijd besteed wordt. Gemiddeld zijn leerkrachten de helft van de tijd bezig met orde-vraagstukken. Daarbij hanteren zij meestal de gebiedende wijs: “Luisteren!” – “Mond dicht”! – “Leg dat boek weg!” of juist ”Doe je boek open!” En tegenwoordig ook: “I-pad plat!” of “Pak je I-pad uit je tas!”.

Er valt veel te zeggen over orde en vooral over ordeproblemen. Voorkomen is in het geval van ordeproblemen beter dan genezen. Daar heb je alleen niks aan als je er midden in zit. Dan heb je behoefte aan een nooduitgang. Als een flink deel van de leerlingen anderen dingen doet, kun je beter geen aandacht besteden aan al die andere dingen. Je wilt aandacht besteden aan de inhoud van de les. En wat doe je vaak? Je besteedt veel aandacht aan alles behalve de inhoud van de les. Voor je brein is dat heel verwarrend. In je brein is het echt zo dat wat je aandacht geeft groeit. Dus als jij de hele tijd bezig bent met de ordeverstoringen, dan groeien in jouw eigen brein de ordepverstoringen. Binnen no-time zie je overal een verstoring in, omdat je brein is gefocust op ordeverstoringen. En omdat jij niet met de inhoud bezig bent haken de geïnteresseerde leerlingen af. Die gaan iets anders doen, waardoor jij ze er weer bij probeert te halen. Nog meer ordeverstoringen….Alsof je een telefoonoplader uit een kluwen snoeren haalt: hoe harder je trekt, hoe vaster de knoop. Bovendien moet jouw brein voortdurend switchen, van inhoud naar de houding van de leerlingen. Dat is uitputtend. Je raakt doodmoe en zal weinig energie hebben om de inhoud dicht bij de leerlingen te brengen. Dat vraagt namelijk opnieuw dat je switcht tussen wat jij weet en wat de leerlingen al weten. Dat is allemaal teveel voor je brein. Meestal zag ik de leerkracht zich al snel beperken tot het zenden van informatie. De toegevoegde waarde daarvan is helaas veel kleiner dan van een wisselwerking waarbij (sommige) leerlingen actief meedoen

Een ambivalente boodschap

Voor je leerlingen is het ook heel verwarrend als je steeds aandacht besteed aan de ordeproblemen, dus aan de onrust in de klas. Ook in hun brein groeit de aandacht voor onrust als jij daar steeds mee bezig bent. Ze zullen snel nog onrustiger worden. Bovendien moeten ze steeds switchen tussen de inhoud en hun gedrag. Dat is vreselijk vermoeiend en put hun brein uit. Vooral omdat je boodschap ambivalent is: je wilt rust, maar creëert onrust. In feite zorg je zelf voor de meeste verstoring van de orde. Een uitgeput brein handelt automatisch en emotioneel en de leerling zal zicht terugtrekken.

Ik zeg “je” – en ik het het natuurlijk ook tegen mezelf. Ik heb vaak de fout gemaakt om iets anders te creëren dan ik eigenlijk wilde! Wat kun je nu doen in zo’n geval? De orde wordt verstoord … Het meest simpele antwoord in zo’n situatie is: niks…. Houd even je mond, haal adem en ga verder. Je mond houden en ademhalen is belangrijk om het bewuste deel van je brein te activeren. Je onbewuste, emotionele deel zal veelal reageren op de leerlingen, omdat je bijvoorbeeld geïrriteerd raakt. Je emotionele brein is namelijk een reactief, automatisch werkend deel. Als dat actief is reageer je automatisch. Niks om je voor te schamen, zo werkt je brein gewoon. Door even adem te halen wordt je breindeel dat bewuste keuzes maakt geactiveerd. Als vanzelf neemt daardoor de activiteit in je emotionele brein wat af. De ademhaling is dus het startsein om je les bewust te gaan inrichten. Vaak zal je daarna door willen met je les. Prima. Gewoon doen en geen aandacht besteden aan verstoringen. En soms gebruik je de ordeverstoring als signaal dat iets anders eerst aandacht nodig heeft. Bijvoorbeeld dat het even genoeg is voor leerlingen of dat ze zenuwachtig zijn voor een toets die straks begint. Het begint met ademhalen. Zo breng je kalmte waar er onrust is, de kalmte zal nu groeien. In die kalmte kun je bewust handelen vanuit de rol die je voor jezelf ziet. Omgaan met ordeverstoringen is dus vooral: oefenen met ademhalen. Als je veel oefent zal het steeds beter gaan.